Docenten op weg

Docenten op weg

Het doel van deze handleiding is om u te helpen bij het voorbereiden van ‘Op weg naar Het Lagerhuis’. met gebruikmaking van de uitgave 'Op weg naar Het Lagerhuis, hoe win ik een debat?', lesboek voor scholieren. Hoe kan men in vier tot acht lessen een team voorbereiden en selecteren voor de VARA-competitie, dan wel uw leerlingen vertrouwd maken met de debatvormen van ‘Op weg naar Het Lagerhuis’? Deze vraag wordt beantwoord met het schetsen van een praktische aanpak en enkele handige tips en allereerst met het weerleggen van een aantal vooroordelen dat mogelijk een obstakel kan vormen voor het toepassen van het debat als oefenvorm in uw onderwijs en dat van uw collega’s.

Waarom debat?

Debatteren mag zich in een toenemende belangstelling koesteren: steeds meer scholen hebben de kracht ontdekt van het debat als didactisch middel. Niet alleen bij het vak Nederlands, waarbij steeds meer scholen het debat een onderdeel van het schoolexamen maken, maar ook bij vakken als maatschappijleer, management en organisatie en vreemde talen.

Toch hoort men zo nu en dan ook kritische geluiden. Welke argumenten worden daarbij aangevoerd? En kunnen deze ontzenuwd worden?

Debatteren is droog en stoffig

In de politiek is het debat vaak verworden tot een bloedeloze uitwisseling van compromissen, waarbij de kool en de geit worden gespaard. Wanneer echter van een voor jongeren relevante en uitdagende stelling wordt uitgegaan, blijkt het debat een bruisende uitwisseling van standpunten te kunnen zijn. Bij het speldebat komt daar nog bij dat men zich moet inleven in verschillende standpunten. Daardoor leert men genuanceerd een standpunt formuleren.

Debatteren is voor studenten

Lange tijd kon men debatteren alleen maar leren op een debating club, veelal verbonden met - of voortgekomen uit studentenclubs. Dit in tegenstelling tot het Angelsaksische onderwijs, waarin het debat al decennialang een vaste plaats heeft. De populariteit van debatwedstrijden op alle mogelijke niveaus (scholen, bedrijven, televisie) laten zien dat (Nederlandse) studenten zeker niet meer het monopolie bezitten. Integendeel zelfs: publicitair ligt de nadruk steeds meer op scholieren uit het voortgezet onderwijs en het beroepsonderwijs.

Debatonderwijs kost teveel tijd en voorbereiding

Zonder oefening wordt geen kunst geboren. Toch is het aanleren van elementaire debatvaardigheden, zeker in de vorm van het speldebat van ‘Op weg naar Het Lagerhuis’, geen arbeids- en tijdsintensieve bezigheid. Wanneer de basis eenmaal wordt beheerst is de zelfwerkzaamheid van de leerlingen bijzonder hoog: stellingen kunnen zelf worden bedacht en het uitvoeren van de debatten vergt weinig inspanning van de docent.

Het competitieve element van het debat hoort niet thuis in het onderwijs.

Het wedstrijdelement is aan elk spel verbonden. Ook aan het speldebat van ‘Op weg naar Het Lagerhuis’. Het letterlijk speelse karakter van debatteren vormt juist een extra motivatie voor leerlingen om zich met deze vorm bezig te houden. En om de stelling te verdedigen dat competitie in het onderwijs nagenoeg geen rol speelt, moet men wel van heel goeden huize komen.Mocht u (nog) niet overtuigd zijn van het nut van debatteren in het voortgezet onderwijs, dan heeft het weinig zin om u pupillen op te geven voor de competitie.

In het andere geval volgen hier aanwijzingen voor de begeleiding van de eerste stappen van uw leerlingen ‘Op weg naar Het Lagerhuis’.

Op weg naar Het Lagerhuis

Het optimale leerrendement zal worden gehaald wanneer de leerlingen zo veel mogelijk praktisch kunnen oefenen. Beperk het theoretische gedeelte tot een zeer klein deel van de les, of laat het liefst de leerlingen thuis de theorie met behulp van het lesboek Op weg naar het Lagerhuis voorbereiden.

Laat de leerlingen daarnaast zoveel mogelijk oefenen, bij voorkeur niet in grote groepen maar hooguit in groepen van vier. Daardoor krijgen de leerlingen zoveel mogelijk de gelegenheid ook daadwerkelijk het woord te voeren. Bij de afsluiting van de lessenserie kunnen dan in een voltallige opstelling de opgedane vaardigheden worden toegepast.

Luisteren en observeren kunnen in het spreekvaardigheidonderwijs niet genoeg onder de aandacht gebracht worden. Aan de hand van de oefeningen in het lesboek snijdt het mes aan twee kanten: de sprekers krijgen constructieve feedback en de luisteraars krijgen door wat wel goed werkt en wat juist niet. Op zich is er aan de hoeveelheid observerende leerlingen geen limiet. Dat maakt het debatonderwijs tot een vorm met een hoog leerrendement, zeker wanneer je die vergelijkt met een traditionele spreekbeurt of referaat.

Tot slot

U ziet uw leerlingen na een aantal lessen waarschijnlijk al enthousiast en een stuk minder onwennig debatteren. Vervolgens is het zaak tot een goede selectie te komen voor deelname aan de wedstrijd. Door middel van een interne competitie voor de selectie van de deelnemer aan het één-op-één debat, een keuze van deelnemers door de docent aan de aan de hand van het getoonde optreden, dan wel op basis van kennis van of affiniteit met de voorliggende stellingen.Interesseer tegelijkertijd ook uw collega’s de door de leerlingen verworven debatvaardigheden in hun lessen te gebruiken. Organiseer oefendebatten van docenten tegen leerlingen of tegen leerlingen van een naburige school. Dit alles om de praktische debatervaring te vergroten voordat uw leerlingen voor uw school in het strijdperk treden.